Navigation Menu+

‘Ramsgate tocht’ met PZV Zeezeilen

Posted on 6 jun, 2017

Dommelaer - Sylvia aan dek

Dit is ons eerste seizoen als lid van de club PZV Zeezeilen. We hebben afgelopen winter al enkele interessante bijeenkomsten/lezingen bijgewoond en een ‘Get Wet Training’ gevolgd bij een off-shore trainingscentrum op de Maasvlakte. Zo hebben we ook onze eerste contacten opgedaan in deze club van zeezeilers. Mensen met veel ervaring en serieuze aantallen zeemijlen achter hun naam. Kunnen wij nog heel wat van leren!

Onze eerste ‘Ramsgate’ (die niet naar Ramsgate ging)

De eerste activiteit op het water waarvoor we ons hadden aangemeld is de zogenaamde ‘Ramsgate Tocht’. Jaarlijks wordt deze tocht gehouden in de week van Hemelvaart, dus voor de meesten is dit tevens de eerste Kanaal-oversteek van het seizoen. Nu viel Hemelvaart dit jaar relatief laat (week van 20 – 27 mei), dus dat kwam ons wel goed uit.

In tegenstelling tot wat de naam van de tocht doet vermoeden, stond de haven van Ramsgate deze keer niet op het programma. De route ging naar Lowestoft, Woolverstone (Pin Mill), Bradwell en Tollesbury. Deze laatste twee plaatsen liggen aan de River Blackwater, een gebied waar rekening houden met de laagwaterstanden een serieuze zaak is. Als deelnemer aan ‘de Ramsgate’ sta je er gelukkig niet alleen voor. De vloot bestond uit 15 schepen. Een geruststellende gedachte!

Het ‘PZV Ramsgate-rondje’ van mei 2017

Vrijdag 19 mei

Rustige voorbereidingsavond?

Hoewel we pas op zaterdag vertrekken hebben we de vrijdag ook maar ‘vrij’ gepakt. Zo kunnen we op ons gemakkie naar Colijnsplaat om de boot gereed te maken. We krijgen eind van de dag Erik, onze ‘opstapper’ aan boord en dan willen we de zaak zoveel mogelijk op orde hebben om de volgende dag uitgerust te kunnen vertrekken. Een week eerder hebben we de boot al deels volgestouwd met proviand, waarbij het aantal flessen wijn en de hoeveelheid bierblikjes ver boven ons gemiddelde is uitgestegen. We rekenen op een toeloop van nieuwsgierigen in de havens, aangezien we ‘nieuwelingen’ in de PZV-vloot zijn. En dan wil je natuurlijk niet zonder een gastvrije borrel komen te zitten. Daarbij hebben we ook ontdekt dat het best wel meevalt met de hoeveelheid bergruimte in ons schip. Kwestie van elk luikje en kastje goed benutten. Sylvia is daar héél goed in! En nóg een constatering: misschien had de waterlijn toch nog een tikkie hoger gekund…

Die middag stonden er twee klusjes op het programma, de vlaggenlijn in de mast en het vervangen van de vulslang voor de watertank.

Sylvia in de bootmansstoel

Sylvia in de bootmansstoel omhoog om de vlaggenlijnen door te voeren

Nadat de nieuwe rvs tank was geïnstalleerd, zinde de relatief dunne vulslang ons nog niet helemaal en een nieuw steviger exemplaar lag al klaar in de kajuit. De klus was snel geklaard, juist op het moment dat opstapper Erik aan boord stapt. “Hey Erik, welkom aan boord”! We hadden al kennis met hem gemaakt tijdens een avondje bij ons thuis en de ‘klik’ was er wat ons betreft meteen. Bovendien heeft Erik al heel veel in het Kanaal gezeild, niet alleen als opstapper maar ook als schipper. We konden het niet beter treffen. “Zet je tas maar binnen, we gaan nu even de watertank vullen”. Omdat het de eerste keer was dat de nieuwe tank helemaal gevuld werd en we al de nodige ervaring met lekkages hadden opgedaan, lag de bank waarin de tank zich bevindt open, zodat we op lekkage konden controleren. Het ging allemaal goed deze keer. Tot het moment waarop de druk in de tank toenam. ‘Ploink’ zij de tank, en de bovenkant schoot wat bol. Daar zit ook het kunststof inspectieluik… De afdichtingskit die tussen het rvs en de kunststof rand zit bleek dus niet bestand tegen deze belasting. Prompt liep het water over de bovenkant van de tank, via de bank naar de bilge. “Stop, kraan dicht!” riep ik, terwijl ik direct de keukenkraan vol opendraaide om water uit de tank te lozen.

Wat een gezellige borrel en voorbereidingsavond had moeten worden, werd een reparatatieronde met het inspectiedeksel. Andere, sterkere kit die we gelukkig nog aan boord hadden moest de zaak oplossen, maar het meeste werk was nog het gepruts om de eerder gebruikte siliconenkit weg te krijgen. We hebben de rand opnieuw ingekit, deksel weer gemonteerd en de zaak die nacht laten drogen. De volgende ochtend het houten schot eroverheen geschroefd met wat doeken ertussen gepropt en gezegd: niet meer naar omkijken, het is mooi geweest. Dan de tank maar wat minder vol.

Die avond hebben we toch ook nog een uurtje bij ‘borrelboot’ Lyra kunnen aanschuiven, dat was heel gezellig.

 

Zaterdag 20 mei

Supersnelle overtocht

Opstaan, douchen, rommel opruimen en tas met hapklaar eten en drinken klaarmaken voor in de kuip. Annemieke van de ‘Hellen’ die bij ons aan de steiger ligt komt even langs met een houten kistje. “Dit is de zogenaamde ‘Kommer en Kwel Trofee’. Wij hebben daar geen plaats meer voor, zouden jullie die naar Engeland kunnen vervoeren?”. Geen probleem natuurlijk, we hebben nog plaats in een bank. De Dommelaer barst van de bergruimte!

Het tij is gunstig. Als we rond 13.00 door de Roompotsluis zijn hebben we stroom mee de Roompot uit. En ook de wind zit met zuid-west in de goede hoek. Het eerste stuk wel vrij hoog aan de wind, maar na het oversteken van de shipping lane wordt de koers wat ruimer. Er staat een stevige bries, windkracht 4 tot 5 met uitschieters naar 6. De Hellen, het schip van Annemieke en Willem, tevens ‘vlootvoogd’ voor deze Ramsgate, vaart voor ons. We hebben een rif in het grootzeil en onderweg rollen we de fok een stukje in omdat de helling die we maken soms wel erg groot is. De zee is allesbehalve rustig, golven komen uit diverse richtingen. Het gevolg van een depressie die de dagen hiervoor langs de engelse kust is getrokken, met windsnelheden tot boven de 40 knopen. Gelukkig is ons dat bespaard gebleven, maar we hebben nog wel wat last van de ‘na-weeën’.

Erik heeft ervaring met zeeziekte en geeft direct het goede voorbeeld door flink te blijven eten. De rollen maria biskwietjes worden als zoete broodjes verslonden. Sylvia verliest echter steeds meer eet- en praatlust. Ze nestelt zich op een bank in de kajuit. Golven spoelen over het dek en de gangboorden. Soms kletst er ook eentje een stukje de achterkuip in, maar op ons lijf houden we het redelijk droog. Als we zonder problemen de shipping lane zijn overgestoken kunnen we wat afvallen. We gaan als de brandweer! De Hellen is inmiddels uit ons zicht, zij hebben een iets meer noordelijke koers aangehouden en lopen met ruime wind nog wat sneller dan wij.

We gaan sneller dan verwacht en het ziet er naar uit dat we vóór daglicht de haven van Lowestoft zullen bereiken. We bestuderen de kaart nog maar eens en besluiten om niet te wachten tot het licht wordt met het aanlopen van de haven. We hebben nog wel wat stroom tegen richting de haven, maar de wind drukt ons daar prima doorheen. De zee wordt ook rustiger omdat we de hoge wal bereiken.

Op zondagochtend 21 mei, ’s morgens om 04.30 meren we af aan een kopsteiger in Lowestoft, waar de Hellen ons opwacht. In 15,5 uur overgestoken! Zeilkleding gaat uit en onder het genot van een Schipperbitter aan boord van de Hellen zien we de zon opkomen. Tijd om te gaan slapen!

haven van Lowestoft

De haven van Lowestoft

Zondag 21 mei

Vlootvoogdborrel

Het is tegen 12 uur als we opstaan. Nu eerst gebakken eieren met spek! Na zo’n nachtelijke oversteek is dat het best denkbare ontbijt. Die middag verkennen we Lowestoft, lopen een paar winkeltjes binnen en eten een ijsje op de boulevard. We zijn weer in Engeland, lekker gevoel.

Om 17.00 is er een vlootvoogdborrel – tevens palaver -, waarbij vlootvoogd Willem iedereen welkom heet. Vrijwel alle boten zijn binnen en het is een gezellige bijeenkomst op deze zonnige middag in Lowestoft. Uit de verhalen over de heenreis blijkt wel dat het een pittige tocht is geweest, vooral voor de boten die vanuit Noord-holland zijn vertrokken. Zij hadden een groot deel wind op kop. Zeeziekte speelde duidelijk parten, ook bij sommige schippers en co-schippers.

Tijdens het palaver worden de vaarplannen en de weersverwachting voor de volgende dag besproken. Over het weer geen discussie, behalve dan dat er op de weerkaarten een ‘dingetje’ te zien is wat in potentie een ‘kanaalrat’ zou kunnen worden. Iets om de volgende ochtend wel even in de gaten te houden. Over het vaarplan des te meer discussie. De route van Lowestoft naar Woolverstone is zo’n 49 mijl, zodat je dit niet in één tij kunt afleggen en altijd met tegenstroom te maken krijgt. Wil je vroeg met stroom mee vertrekken en met stroom tegen de River Orwell op? Of later vertrekken en dan ook later de stroom mee pakken? Het werd een interessante discussie. Onze conclusie: we vertrekken morgenochtend na het ontbijt en we zien het wel… Die zondagavond werd het geen ‘borrelboot’ maar met z’n drietjes gezellig kletsen in de kajuit en op tijd te kooi.

Erik houdt de boel in de gaten

Onze opstapper Erik

Maandag 22 mei

Dommelaer: Never a dull moment!

Om een uur of zeven ’s morgens word ik wakker door het schroef-geluid van een zware dieselmotor. Vlak naast ons is een engelse ‘Sailing Barge’ aan het manoeuvreren. De schipper heeft moeite om in de havenkom te keren en ik zie dat zijn achtersteven een scepter van de Hellen (die vlak voor ons ligt) krom zet. Willem komt naar buiten en kijkt met een blik van: ‘not amused’ naar wat er gaande is. Het scheelt ook niet veel of de Barge komt bij ons naar binnen, maar het gaat verder net goed. Ik kruip nog maar even terug mijn bedje in.

Als we rond 08.00 uur opstaan schijnt de zon al volop en je voelt dat het een mooie dag gaat worden. De wind is zuid-oost, voorspelling 3 tot 4 Beaufort. Prima! Om 09.30 varen we de haven uit.

Eenmaal buiten blijkt dat de koers mooi bezeild is, maar de windkracht valt wel wat tegen. Na een paar uur wordt de wind nog minder en besluiten we de motor maar bij te zetten om niet teveel op ons vaarschema in te leveren. Maar het is genieten met een grote G. Rustig zeetje, heerlijk zonnetje en mooie uitzichten op de engelse kust van Southwold en de vuurtoren van Orford Ness. Bij het naderen van de boei ‘Platters’ (het zeilt weer) zie ik op de kaart dat voor ons een ondiepte ligt (90 cm. bij LLWS). Ik wil uitwijken naar bakboord, maar daar vaart op dat moment de Sundancer die ook tot de PZV vloot behoort. Zou er al genoeg water staat om over dat bankje heen te varen? ‘Buts’… Net niet genoeg dus. We raken even de bodem. Oeps…  “Never a dull moment on the Dommelaer” zeg ik. Maar deze was even niet gepland.

Spinnaker-doop op de Orwell

Het is een uur of half acht ’s avonds als we met stroompje mee de Orwell op varen met de wind in de rug. ‘Mooi koersje voor de spinnaker”. Die hebben we aan boord maar nog niet omhoog gehad. Erik en ik gaan er mee aan de slag, Sylvia aan het roer. Na wat prutsen met blokken op de achterbolders en te lange schoten, lukt het om de spinnaker te zetten. Nog zonder spinnakerboom, we varen ‘m ‘vliegend’ aan de twee schoten. De rivier heeft wat bochten, dus op sommige stukken is de wind niet meer van achteren, maar bijna halve wind. 80m2 spinnakerzeil doet de boot wat hellen en Sylvia voelt de druk op het roer. “Als we maar niet platslaan” klinkt het met enigszins dunne stem. “Welnee joh, gewoon achter die spinnaker aan sturen als er een windvlaag komt”. Het gaat allemaal goed en het is geweldig kicken om zo de River Orwell op te varen. Trots varen we langs Woolverstone een stukje door, zodat we gezien én gefotografeerd kunnen worden. Het binnenhalen van de spinnaker gaat vervolgens nog wat onhandig, maar dat is bijzaak. De Dommelaer onder spinnaker, een nieuwe mijlpaal! Die avond kookt Erik voor ons aan boord, heerlijke wraps!

Spinnaker-Dommelaer

De eerste keer: spinnakeren op River Orwell

Dinsdag 23 mei

‘Rustdag’ in Woolverstone

Vandaag blijven we in Woolverstone. Het is de ‘rustdag’ in de ‘Ramsgate’. Maar voor zo’n 20 mensen die zich hebben opgegeven, waaronder Erik en ik, staat er een leuke activiteit op het programma: wedstrijdzeilen met kleine bootjes op ‘Alton Water’. Dit is een stuwmeer niet ver van Woolverstone. Om 12.00 uur stonden de taxi’s klaar. Aangekomen bij Alton Water was de eerste klus: jezelf in een wetsuit hijsen. Daarbij heb ik ontdekt dat het niet lukt om een been in een arm-mouw te krijgen. En voor het dichtritsen van je pak – de rits zit op de rug – heb je een maatje nodig.
De bootjes van het type ‘RS-klein-en-wankel’ zijn gemaakt voor jonge zeilers. Twee zware volwassenen leggen het vrijboord wat dieper en je zit al gauw met je kont in het water. Er stond niet al te veel wind, maar het lukte om in manches van 4 boten een driehoeksbaan af te leggen. Erik en ik blonken uit door goede starts, maar al in het eerste kruisrak kwamen we in een ‘windwak’ terecht, waardoor we door twee boten ingehaald werden. 3e Plaats dus. De volgende manche ging het nog wat beter, we werden -na weer een goede start- tweede.

Sylvia verbleef intussen op de boot in Woolverstone en had zich verheugd op een dagje rustig lezen/relaxen. Dat lukte niet helemaal…
We hadden op zee gemerkt dat onze marifoon niet optimaal werkte en binnen de PZV-deelnemers was er iemand (Peter) die beschikte over een zogenaamde ‘staande golf meter’. Daarmee kun je het antennesignaal van je marifoon meten. Tenminste, als je weet hoe je zo’n meter aan moet sluiten en uit moet lezen. Dinsdagochtend, voordat we naar Alton Water vertrokken, had Peter de meting al gedaan en geconstateerd dat er iets mis moest zijn met de antenne-aansluiting. Bij de mast-aansluitingen op het dek was het inderdaad mis. Antennekabel zwaar geoxideerd, de zaak viel bijna vanzelf uit elkaar. Geen nood, want Peter heeft niet alleen een staande golfmeter aan boord, maar ook heel veel andere technische spullen. Al snel lag er een nieuwe antenneplug en een soldeerbout klaar. Maar… wij moesten naar de taxi voor Alton Water.

Reparatie marifoon aansluiting

Peter en Piet repareren de marifoon-aansluiting

Terwijl we op die kleine bootjes aan het spelevaren waren heeft Peter, met hulp van Piet, onder toeziend oog van Sylvia onze marifoon-aansluiting gerepareerd. Dat is nou ook het mooie van de PZV, mensen staan direct klaar om je te helpen. En we hebben nog nooit zo’n goede marifoonontvangst gehad!

Die avond zijn we met z’n drietjes naar de Butt & Oyster Pub in Pin Mill gewandeld en hebben we daar heerlijk gegeten. Om 21.00 uur waren we terug voor het palaver, als voorbereiding op de tocht van de volgende dag naar Bradwell aan de River Blackwater.

Zeuntjes, de Musical

Later die avond zaten we met acht ‘Zeuntjes’ in onze kajuit om een ‘act’ te verzinnen. De term ‘Zeuntje’ komt uit de oude zeevaart en staat voor ‘aankomend schepeling / jonge matroos’. Tijdens ‘de Ramsgate’ is het traditie dat mensen die voor het eerst deze tocht meezeilen, een act opvoeren tijdens het afsluitende diner op de laatste avond in Engeland. Ook al heb je je hele leven gezeild, voor de Ramsgate ben je dan een ‘Zeuntje’. Erik behoorde dus niet tot deze groep. De Zeuntjes waren: Piet, Oscar, Giel, Johan, Ton, Peter, Henk, Sylvia. Piet had een gitaar bij zich, Ton had toneelervaring en Oscar kent alle smartlap-teksten uit zijn hoofd. Het idee ‘Zeuntjes – de musical’ werd geboren…

De Zeuntjes van 2017 - Sylvia ontbreekt hier op de foto

De Zeuntjes van 2017 – Sylvia maakte de foto

Woensdag 24 mei

Wandeling in Bradwell

Vroeg opstaan deze keer. Rond half zeven in de ochtend maken we los en varen we de rivier weer op richting Harwich. Op de Orwell hebben we stroom tegen, dus de motor loopt. Als we op zee zijn krijgen we stroom mee. Er staat vrijwel geen wind maar het is een schitterende ochtend. Op onze AIS zien we dat er al diverse boten onderweg zijn, zowel voor als achter ons. Als we de monding van de River Blackwater opvaren komt er wat wind en kunnen we nog een mooi stuk zeilen, kruisrak richting de haven van Bradwell. Om 13.00 meren we daar af in een box. En ook nu: prachtig weer!

Die middag besluiten we een ‘even een stukje’ te gaan lopen. In de vaarwijzer over de Engelse Oostkust hadden we gelezen dat het bezichtigen van de oude kapel ‘St Peter-on-the-wall‘ de moeite waard is, dus laten we die maar eens gaan opzoeken. Het werd een wandeling van ruim vijf kilometer heen en weer terug. Maar wel de moeite waard! Niet alleen de oude romeinse kapel uit de 6e eeuw is mooi om te zien, ook de omgeving is prachtig. We liepen terug langs de oevers van de River Blackwater, waar de sporen van het Engelse luchtafweergeschut in de tweede wereldoorlog nog duidelijk aanwezig zijn.

Na dik 10 kilometer lopen op niet-wandelschoenen en zonder drinken, waren we wel blij om de boot weer te zien. Die avond zijn Erik en ik nóg een keer aan de wandel gegaan, op weg naar een pub waar een groepje PZV’ers zich had verzameld voor de wedstrijd Ajax – Manchester United. Het werd geen feest, want Ajax verloor die wedstrijd overtuigend.

St. Peter on the wall - Bradwell

St. Peter on the wall – Bradwell

Donderdag 25 mei

Tollesburry: zilte grond en kreken, captainsdinner, musical en disco

Vandaag een korte etappe, van Bradwell naar Tollesbury. We vertrekken pas om 13.00 om met hoogwater Tollesbury te kunnen aanlopen. Dat geeft ons ’s morgens nog tijd om even te oefenen met de ‘Zeuntjes’ voor onze act bij het Captains Dinner in Tollesbury. Want die avond moet het gaan gebeuren: Zeuntjes – de musical!

We varen met motor en genua richting Tollesbury, een afstand van ca. 5 mijl, dus een goed uurtje varen. Het ‘window’ om naar binnen te varen is beperkt tot één uur voor en één uur na hoogwater. Voor de haven ligt een ‘Sill’ die voorkomt dat de haven met laagwater leegloopt. Met onze 1.80 meter diepgang kunnen we er met hoogwater overheen.

De Sill in Tollesbury

De ‘Sill’ in Tollesbury voorkomt dat de haven bij laagwater droogvalt

De aanloop van de haven is prachtig. Je vaart ‘The Saltings‘ binnen, een natuurgebied van zilte grond en kreken. Die middag slenteren we wat rond en drinken een biertje op het terras van The Harbour View aan de haven.
’s Avonds is daar ook het Captains Dinner. Prima verzorgd met een mooi buffet en engels bier van de pomp. Er worden wat prijzen bekend gemaakt, zoals de ‘Navigators Trophy’ en de ‘Kommer en Kwel Trophy’ die veilig door de Dommelaer naar Engeland is gebracht. Dan het grote moment: de Zeuntjes mogen optreden. Onze act duurt een minuut of tien en iedereen zingt uit volle borst mee. Het wordt een staande ovatie! Gelukkig, dat hebben we gehad, nu kunnen we écht aan het bier! Als het feestje bij Harbour View ten einde is, gaan we nog een tijdje door aan boord van de Hellen, waar disco-verlichting in de kajuit is opgehangen en de whisky op tafel staat. Dat er zóveel mensen in een 33-voeter passen heb ik nooit eerder geweten…

Tollesbury - Dommelaer

Tollesbury bij hoog water

 

Vrijdag 26 mei

Brightlingsea

Die ochtend nemen we de ‘Kommer en Kwel trofee’ weer terug aan boord. Dit is eigenlijk de dag voor de oversteek terug naar Nederland. Probleempje: de wind staat pal oost (5 Bft), dus precies waar je ‘m niet wilt hebben. De verwachting is, dat de wind de volgende dag gaat ruimen, dus meer zuidoost gaat worden. Op basis van de kennis en ervaring die ons tijdens het extra ingelaste ochtend-palaver ter ore komt, besluiten we de oversteek en dag uit te stellen. Net als de Hellen en nog een aantal andere boten vertrekken we eerst naar Brightlingsea, van waaruit we de volgende nacht kunnen vertrekken. Want in Tollesbury hebben we weer te maken met het beperkte hoogwater-window. Bovendien wil je daar in het donker liever niet naar buiten.
Om 13.00 uur moet het water precies hoog genoeg staan om de haven uit te komen. De peilschaal op de sill geeft 1.80 aan… “Ja we zijn erover!”. Maar 10 meter verder lopen we alsnog aan de grond. Geen probleem, het is opkomend water. Beetje ploegen door het zand, en even later varen we weer.
Wat volgt is een mooi kruisrak met diverse PZV-boten tegen de stroom in naar Brightlingsea. Een mooie zeilmiddag!

In Brightlingsea lig je op stroom aan een drijvende steiger (pontoon), midden in een rivier. Het stroomt er ca. 2 knopen, dus opletten met afmeren. We liggen naast de YES. Een pontje brengt je vanaf het pontoon naar de wal, 1,5 pond heen en 1,5 pond weer terug. We besluiten aan wal te gaan om wat te gaan eten en belanden in de ‘Rosebud Pub‘. Een toplocatie waar we heerlijk hebben gegeten! Die avond voelt als een extra cadeautje. Consequentie: we gaan veel te laat slapen gezien het vertrek die nacht voor de oversteek naar Nederland.

Brightlingsea pontoon

De Dommelaer ligt aan het pontoon in Brightlingsea: we moeten met de watertaxi naar de wal.

Zaterdag 27 mei

Natte kastjes…

’s Nachts om half vier gaat de wekker alweer. Het is nog pikkedonker. Ook op andere boten zien we lichtjes en beweging ontstaan. Tijd voor de terugtocht. Er lijkt nog weinig wind te staan. Inmiddels begint het heel voorzichtig wat lichter te worden. We starten de motor en varen de haven uit. Opletten waar we varen, plotter en boeien goed in de gaten houden. Het eerste stuk hebben we de wind recht op kop, motoren dus. Als we de monding van de River Blackwater uitkomen, kunnen we de koers naar bakboord verleggen en kan er gezeild worden. De wind is nog oostelijk en het waait pittig, zo’n 5 Beaufort. We rollen de fok maar weer een stukje in.

We maken een flinke helling over bakboord en opeens denk ik aan de afsluiter onder de wasbak. Staat die wel dicht? Niet dus. Het water is via de wasbak, over het aanrecht de kasten aan het inlopen! Direct zet ik de afsluiter dicht en ik begin met leeghozen van het kastje onder de aanrecht. Dit is nu de tweede keer dat me dit overkomt, vorig jaar tijdens de tocht met Tjeerd vanaf Harwich was hetzelfde verhaal. Nooit meer die afsluiter vergeten! En volgende winter de afvoer aanpassen met een terugslagklep ertussen.

‘Pieeeep’ … en daarna blijft het stil

We koersen richting ‘Sunk Center’ het ‘Traffic Separation Scheme’ voor de aanloop van Harwich, waar zeeschepen uit alle kanten kunnen komen. Hier moeten we weer naar het oosten om onder het Sunk Center te blijven. “Laten we de motor maar een tijdje bijzetten tot we weer een bezeilde koers hebben”. Ik pak de sleutel, draai aan het contactslot: pieeeep…. en er gebeurt verder niets. “WTF!” De motor wil niet starten. “OK, dat werkt dus niet, overstag dan maar en doorzeilen”. Ik duik onderin en maak de motorluiken open. Ik inspecteer de contacten in de buurt van de startmotor. Er is hier en daar wel wat corrosie te zien, dus dat geeft mij hoop dat ik het probleem kan oplossen. Maar na een flinke tijd prutsen en contacten schoonmaken geen resultaat. We overleggen: terug naar Harwich? Vinden we niet echt een optie. “We zijn een zeilboot, dus laten we maar doorzeilen. De wind is goed en er zijn andere PZV-schepen in de buurt”. Zo gezegd zo gedaan. Vergeet die motor maar even. We roepen de Hellen op en informeren Willem over de situatie. Hij antwoord: “We zitten zo’n 15 mijl van jullie vandaan, maar als je ons nodig hebt komen we jullie kant op”. Top!

We zijn Sunk Center voorbij en varen zuidelijk langs een engels windmolenpark in aanbouw. Daar voorbij kunnen we nog wat verder afvallen en de wind is ook wat meer zuidoost geworden. Dat ziet er goed uit. Maar achter ons kleurt de lucht donker. Een onweersbui in aantocht; verder reven. Het echte onweer blijft uit, maar de wind valt volledig weg. Op onze track zien we dat we achteruit gaan in plaats van voorruit. De stroom neemt ons mee. Met een windmolenpark aan de ene kant en de Shipping Lane aan de andere kant vind ik dit geen lekker idee. Ik besluit Dover Coastguard aan te roepen om over onze stuurloze situatie te informeren. De Hellen hoort onze oproep via kanaal 16 ook.

Dover Coastguard antwoordt direct en vraagt naar het aantal personen aan boord en welke reddingsmiddelen aan boord zijn. We schieten in de lach, maar begrijpen de vragen wel. “We are all well, there is no major problem at this moment, I’m only informing you about the situation that we are floating without engine power”.

Na een klein uurtje klaart het weer op en de wind komt terug, nog wat meer zuidelijk dan voorheen. We lopen weer 6 knopen, op weg naar de Shipping Lane. Even later zien we de Hellen heel in de verte varen. Die hebben hun koers aangepast om meer bij ons in de buurt te komen. Ook hebben we marifooncontact met de Cyrano, die meer zuidelijk vaart. Zij zijn ook bereid om onze kant op te komen als dat nodig is. Maar zolang we zeilen is alles prima in orde.

Het (een beetje schuin) oversteken van de Shipping Lane gaat voorspoedig. We hebben de Hellen voor ons in het vizier en we genieten weer van het zeilen. Aan stuurboord ligt het enorme windmolenpark voor de Belgische kust, dat aanstonds nóg groter gaat worden door het Nederlandse deel wat er nog bij gaat komen. Het is hier druk met scheepvaart, mede door de werkzaamheden aan de windparken. Even verderop kruisen we de scheepvaartroute via Vlissingen naar de Westerschelde, ook hier een drukte van jewelste. We roepen een zeeschip op om te vragen of we koers kunnen houden, maar er volgt geen reactie. Dan het zekere voor het onzekere: gijpen en achterlangs passeren. Onze AIS waarmee we de schepen op het scherm kunnen zien, blijkt geen overbodige luxe!

Ramsgate- bijna bij de Roompot

We worden op een mooie zonsondergang getrakteerd. Even later hangen we met de Kustwacht aan de lijn…

De avond valt. We zijn getuige van een prachtige rode wolkenlucht achter ons. De wind wordt minder en minder. Als we de Roompot naderen, zo rond 22.30 uur, is onze voortgang minder dan twee knopen. En het wordt donker. Ik bestudeer de getijdetabellen en constateer dat het een uurtje of twee duurt voordat we stroom mee krijgen de Roompot in. Dat is natuurlijk mooi, maar zonder wind en zonder motor langs de Oosterscheldekering naar de sluis varen is voor mij geen optie. Je wordt dan door de vloedstroom naar de kering gezet en dat is de laatste plek waar je als boot wilt zijn. Het lijkt er niet op dat de wind nog gaat aantrekken. De Hellen ons laten slepen op zee vind ik ook geen goed plan. Het zou zomaar kunnen dat je dan met twee boten in de problemen komt.

Hulp van Nederlandse kustwacht en de KNRM

“Nederlandse kustwacht,  Nederlandse kustwacht, Nederlandse kustwacht, hier zeiljacht Dommelaer, zeiljacht Dommelaer, zeiljacht Dommelaer. Ontvangt u mij over?” Er komt direct antwoord en er wordt gevraagd over te schakelen naar kanaal 67. We doen ons verhaal en even later krijgen we het bericht dat reddingsboot ‘Koopmansdank‘ vanuit Neeltje Jans naar ons toekomt. ‘Koopmansdank’… hoe toepasselijk voor onze Koopmans 33!

KNRM - Koopmansdank

De Koopmansdank van de KNRM. Helaas konden we zelf geen foto maken, dus deze foto komt van de KNRM-site.

Even later zien we op de AIS een boot met een snelheid van 31 knopen op ons af stuiven. We hebben marifooncontact en met hun zoeklicht hebben ze ons al snel in het vizier. Toch indrukwekkend als zo’n KNRM-boot langszij komt en even ‘een mannetje’ overzet. Het mannetje is een grote kerel met een nog groter overlevingspak, die amper door onze kajuitingang naar binnen kan. Hij probeert met een starthulp de motor aan de praat te krijgen, maar als dat niet lukt komt er een sleeplijn over. Met een vaart van 6,5 knoop worden we in ruim een uur naar de Roompotsluis gesleept.

De Hellen van Willem en Annemieke ligt afgemeerd aan de wachtsteiger voor de sluis. De Koopmansdank manoeuvreert ons keurig naar de steiger. Als dank voor hun inzet overhandigen we een fles ‘Koopmanskloof’, de huiswijn die we altijd aan boord hebben. De Koopmansdank vertrekt weer naar een volgende patiënt met motorstoring. Dat weekend zijn er een stuk of zeven uitrukken geweest. In het begin van het seizoen zijn motorstoringen blijkbaar aan de orde van de dag. Gelukkig zijn wij al járen lid van de KNRM en hebben we ze ‘slechts voor motorstoring’ nodig gehad…

Terug in de veilige haven

Nu is het de Hellen die ons op sleep neemt. Heel voorzichtig door de sluis en vervolgens de Oosterschelde op, richting Colijnsplaat. Het is praktisch windstil onder een heldere sterrenhemel. Met de stroom mee lopen we ruim 5 knopen. De Hellen trekt ons met 3,5 knoop door het water. Bij de havenmonding aangekomen maken we de sleeplijn korter en draaien we tegenstrooms de haven in. Een rondje in de vissershaven biedt ons de gelegenheid om de snelheid uit de sleep te halen en heel zachtjes richting de box te varen. “OK, sleeplijn los!” We drijven, met hulp van een beetje roerwrikken, rustig naar onze box. Het is dan zondagmorgen half vijf. De ‘Ramsgate’ zit erop! Hoewel: we drinken natuurlijk nog even een borrel aan boord van de Hellen, samen met Willem, Annemieke en hun opstappers Bart, Ruud en Corrie. Na een klein uurtje is het toch écht tijd om te gaan slapen…

De Kommer en Kwel Trofee mag nooit meer mee…

De volgende ochtend vertrekken ze van de Hellen al op tijd naar huis. Wij hebben nog het nodige zout water uit de kastjes te poetsen, verder schoonschip te maken en kasten opruimen. Laten we nu die Kommer en Kwel Trofee nog in een bank vinden…