Navigation Menu+

Vakantie 2017, week 6: de laatste mijlen

Posted on 27 aug, 2017

Vlinderen - Dommelaer

Op zondag 20 augustus, Sylvia’s verjaardag, staan we om 05.00 uur op. Wassen, ontbijtje, tanden poetsen, koffie zetten, broodjes smeren, toiletbezoek, zeilkleding aan, zwemvesten aan… het bekende ritueel. Een uurtje later vertrekken we uit Dieppe met bestemming Boulogne. Het waait lekker met een bakstagwind en er staan behoorlijke golven, schuin achterop. Daarmee wordt de boot op sommige momenten behoorlijk loefgierig, dus je bent intensief aan het zeilen en voortdurend de zeilen aan het trimmen om de loefgierigheid zoveel mogelijk te beperken.

Best wel werken, met een stevige bakstagwind en golven achterop.

Sylvia merkt dat ze wat ‘katterig’ wordt en heeft er niet aan gedacht om een anti-zeeziekte pilletje in te nemen. Het duurt niet lang of de zeeziekte-verschijnselen laten zich gelden. O jee, en dat uitgerekend op haar verjaardag. Ik voel me wel een beetje schuldig…

En dat uitgerend op je verjaardag…

Gelukkig komt ze er na verloop van tijd redelijk overheen, door regelmatig kleine beetjes te eten uit onze ‘sailingbag’ die vol zit met zoete en hartige koeken, gedroogde frambozen, flesje water, frisdrank etc. Een dergelijke tas hebben we standaard in de kuip bij wat langere tochten op zee, zodat je niet steeds naar binnen hoeft om iets te pakken.

Neus in de wind…

Plassen…

Plassen is voor Sylvia ook geen feest bij zeegang, want daarvoor moet eerst het hele zeilpak uit. Een emmertje in de achterkuip heeft daarbij regelmatig de voorkeur, boven naar binnen gaan en op het toilet gaan zitten. Voor mij is het plassen gelukkig een stuk eenvoudiger met een zeilbroek die ook van onder naar boven kan openritsen. Los van het feit dat je onder flinke helling toch wel capriolen moet uithalen om niet langs de pot te piesen… OK, verdere details over dit onderwerp zal ik maar achterwege laten.

Naar gelang de tocht vordert wordt de zee wat rustiger en bereiken we ’s middags om 16.30 uur de haven van Boulogne. Een haven die overigens niet veel indruk op ons maakt. Je ligt hier niet direct tegen een gezellige stad, zoals in de eerdere Franse havens die we gezien hebben. Het is laag water en er hangt een vervelende lucht van rotte vis. Wat hier opvalt is het grote getijdeverschil. Om het havenkantoor te bereiken moet je bijna klimgereedschap meenemen. Maar goed, we zijn weer een stuk verder gekomen. We vinden en restaurantje voor het avondeten en lopen een stuk door de oude stad, die best de moeite waard is, alleen is nu het meeste al dicht en is er geen activiteit meer. Dat zal op een zonnige middag wel anders zijn, dus weer iets om te onthouden.

Het grote getijdeverschil in de haven van Boulogne is hier duidelijk zichtbaar.

Op maandag 21 augustus vertrekken we om 09.30 in de regen richting Duinkerken. De wind is gedraaid en komt nu uit een oostelijke richting, dus de zee is een stuk rustiger geworden. We zijn niet de enige Nederlandse boot die vanuit Boulogne huiswaarts vaart, we zitten in een vloot van zeker een stuk of 10 schepen. Ze zijn vrijwel allemaal sneller dan wij. Zou het de flinke aangroei op ons onderwaterschip zijn die ons doet afremmen? Het lijkt er wel op… (en… wij zijn van staal 😉 )
Na een uurtje begint het op te klaren en langzaam maar zeker komt de zon er bij. Met lekker weer en een flinke stroom mee passeren we Cap Griz-Nes en de haven van Calais. Opletten hier voor de passerende Ferries.

Druk Ferrie-verkeer bij Calais.

Het laatste stuk van zo’n mijl of 3-4 zetten we de motor weer bij, omdat de wind steeds verder afneemt. Het probleem diesel-lekkage speelt uiteraard weer, maar daar zijn we inmiddels aan gewend. ’s Middags om 17.00 uur meren we af in de haven van Duinkerken. We zien op de plotter dat een groot deel van de vloot die met ons uit Boulogne is vetrokken is doorgevaren naar Nieuwpoort, maar wij vinden het wel weer mooi geweest.

We besluiten een dagje in Duinkerken te blijven. Het is mooi weer en wind om te zeilen is er toch niet. Bij het havenkantoor worden we voorzien van twee vrijwel nieuwe fietsen die we de hele dag kunnen gebruiken. Super service! Het zijn een soort mountain-bikes en dat is voor Sylvia helaas geen feest i.v.m. de houding en het smalle zadel. Een kussen erop, met zeilbinder vastgezet, helpt maar gedeeltelijk. We fietsen door de stad, doen boodschappen, pakken een terras aan de haven en kopen (weer) oesters en verse sardines voor het avondeten. In de binnenhaven van Duinkerken ligt de Stad Amsterdam afgemeerd. Dit prachtige klassieke schip is altijd weer indrukwekkend om te zien. Later, bij het verlaten van de haven, zien we dat dit schip in de sluis ligt en ook uit Duinkerken gaat vertrekken. Helaas gaat haar koers zuidwaarts en wij gaan naar het noorden. Jammer, het zou mooi zijn als ie ons onder zeil gepasseerd had!

De Stad Amsterdam in de haven van Duinkerken.

 

Jammer… hij gaat de andere kant op!

De tocht Duinkerken – Oostende op woensdag 23 augustus wordt weer een mix van zeilen en motoren. Er staat niet veel wind, maar het weer is prachtig en de zee nog steeds rustig. We varen met de fok uitgeboomd, pal voor de wind. Op ongeveer een mijl voor Oostende – ik ben juist de Reeds Nautical Almanac aan het lezen om de havengegevens van Oostende op te zoeken – maken we opeens een klapgijp. De wind is in een mum van tijd 90 graden gedraaid, komt nu weer uit het zuidwesten en neemt direct toe. We hebben nog een kwartiertje flink de vaart erin en dan kunnen we de zeilen weer opdoeken om de haven in te varen.

Afgemeerd in de haven van Oostende; wij hebben het hier nog nooit zo rustig gezien…

In Oostende liggen we aan de binnenkant-kopsteiger. Om het kwartier komt er een veerbootje langs dat een flinke golfslag veroorzaakt en ook ’s nachts lig je hier behoorlijk te schudden aan de steiger door binnenrollende ‘swell‘. ’s Middags genieten we op het terras van een gezellige taverne van een frisse Rodenbach. “Het beste biertje van Oostende” aldus de uitbater en hij serveert er een bakje met grijze garnalen bij. Het pellen hiervan laat ik graag aan Sylvia over.

Op donderdag 24 augustus varen we onze laatste zeetocht van de vakantie, van Oostende naar Middelburg. Toch nog een flink stuk varen, zo’n 30 mijl, waarbij de wind vrij zwak is en we wederom pal voor de wind varen met lastige golven achterop. Als we de haven van Cadzand passeren moet de motor er maar weer bij.

In Vlissingen komen we weer op Nederlandse bodem.

In Vlissingen kunnen we direct de sluis in, maar voor de brug die daarachter ligt moeten we een uurtje wachten. Zo wordt het weer een lange dag, want pas ’s avonds om 20.00 uur bereiken we de haven van Middelburg. De volgende ochtend even langs de bakker en langs watersportbedrijf Jos Boone om een gasfles te wisselen en de kaart van onze plotter opnieuw te laten installeren. Er zat een gedeeltelijke ‘waas’ in beeld ter hoogte van Cherbourg, die is er nu uit, dus dat is ook weer opgelost.

Geen zuchtje wind…

Dan de aller-aller laatste etappe van deze vakantie, op vrijdag 25 augustus, van Middelburg, via het Veerse Meer en Oosterschelde, naar Colijnsplaat. Er staat geen zuchtje wind, dus alles op de motor. Dat is wel heel relaxed varen, zonder golfslag en stroming! We genieten van de zon en tuffen naar de thuishaven. Het zit erop!